Spring naar content

over de Orang-oetan

Deel deze missie:
E-mail Twitter Facebook Facebook

volgende vorige

 

De orang-oetan

Orang-oetan met jong

De afgelopen twintig jaar is het leefgebied van de orang-oetan zeker met de helft afgenomen. De orang-oetan wordt daardoor ernstig bedreigd. Hieronder lees je hoe dat komt en wat dat voor de orang-oetan betekent.
 

Probleem 1: kappen van bomen

In het woud van de orang-oetan staan hoge, dikke bomen. Het hout is hard en en rot niet snel en is dus interessant voor mensen om iets van te maken. Ook in Nederland wordt het gebruikt: bijvoorbeeld voor kozijnen en deuren.

Oplossing
Er zijn bedrijven die alleen hout gebruiken dat een keurmerk heeft. In de winkel staat er dit merk op: FSC. Dit hout wordt ook gekapt, maar op zo’n manier dat het regenwoud niet kapot gaat. Door bijvoorbeeld maar een beetje te kappen en ook weer nieuwe bomen aan te planten. 
 

Probleem 2: palmolieplantages

Op Borneo groeit de oliepalm goed. Daarom worden andere bomen in het woud gekapt en verbrand om op die plaats palmen te planten. De palmolie levert geld op voor de mensen omdat we het gebruiken om bijvoorbeeld margarine, chips en zeep te maken. Voor orang-oetans zijn de palmplantages geen goed leefgebied.

Oplossing
De mensen kunnen ook op een andere manier geld verdienen aan het woud. Bijvoorbeeld door er rotan te verzamelen. Daar hoeven ze geen bomen voor te kappen. Van die klimplanten kun je stoelen vlechten.
 

Probleem 3: versnipperd woud

Doordat er stukken bos verdwijnen kan de orang-oetan zich niet meer van het ene deel van het bos naar het andere deel verplaatsen. Over de grond lopen ze liever niet.

Oplossing
Tussen de overgebleven stukken bos planten we weer nieuwe bomen. Vooral bomen met vruchten die de orang-oetan graag eet. Alleen dan maakt de orang-oetan een kans. Hij heeft dan genoeg ruimte om te leven en voldoende voedsel.
 

Deze website maakt gebruik van cookies. Hier vind je meer informatie. Voor het uitzetten van cookies, klik hier. Deze melding verbergen X